Begin februari 2026 hebben de Landelijke Huisartsen Vereniging (LHV), de Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN) en de branchevereniging van zorgorganisaties (Actiz) gezamenlijk modelovereenkomsten opgesteld om hun leden te ondersteunen bij het maken van samenwerkingsafspraken rondom medisch-generalistische zorg (MGZ). Zorg die bedoeld is voor mensen met een indicatie voor langdurige zorg, vooral in de ouderen- en gehandicaptenzorg (LHV, 5 februari 2026 + plaatje onder de blogtitel).
Deze afspraken zijn het vervolg op eerdere afspraken uit het Convenant MGZ (Convenant, 2 september 2024+ ondertekening + ondertekening + ondertekening + Leeswijzer, 2025), waarin destijds branche- en beroepsverenigingen hun commitment uitspraken om samen deze MGZ voor de doelgroep te realiseren. En daarmee gezamenlijk stappen zetten in de gewenste richting, waarbij (citaat, pg.2) “de noodzakelijke randvoorwaarden dit mogelijk moeten maken”.
Modelovereenkomst is een hulpmiddel…
Welnu, deze blog gaat over de onduidelijkheid en onzekerheid wat betreft de invulling van juist deze randvoorwaarden.
De LHV stelt expliciet dat het gebruik van de recent gepresenteerde modelovereenkomsten vrijwillig is. Mogelijk is dit ingegeven door het feit bij zorgcontracten als brancheorganisatie niet te sturend (hier/hier) te willen/mogen optreden (blog).
De toelichting op de overeenkomst eindigt dan ook met de woorden…
|
“Hulpmiddel geen richtlijn of verplichting De modelovereenkomsten zijn een hulpmiddel voor zorgaanbieders en huisartsen en hebben geenszins een verplichtend karakter. Eenieder kan een eigen overeenkomst opstellen of de modelovereenkomsten aanpassen, bijvoorbeeld als de regionale situatie daarom vraagt. Zorgaanbieders en huisartsen zijn zelf verantwoordelijk voor de door hun gemaakte afspraken in een overeenkomst.” |
De beide Modelovereenkomsten: de inhoud
De drie partijen die de Modelovereenkomsten hebben opgesteld maken binnen de Wlz-groep van cliënten onderscheid in de subgroep MET behandeling (de zogenaamde “onderaannemingsovereenkomst”) en de subgroep ZONDER behandeling (de zogenaamde “samenwerkingsovereenkomst”). Mét behandeling wil zeggen dat de burger met een bewezen 24/7 zorgafhankelijkheid, zijnde het Wlz-toelatingscriterium als opgelegde instroomdrempel, daarna, met inzet van specifiek omschreven extra zorg bij de bestaande beperking, op een zo goed mogelijk niveau kan blijven functioneren (hier).
In 2024 waren er bij de overheid al signalen van dit onderscheid af te willen en mogelijk de behandelgroep zelfs over te plaatsen naar de Zorgverzekeringswet (Kamerbrief, 15 april 2024). Hiermee zou dan, zo is het idee, de ongelijkheid en onduidelijkheid tussen plekken met en zonder behandeling binnen de Wet langdurige zorg op termijn verdwijnen.
Maar wie iets verder kijkt wat betreft zorginhoud, ziet dat een dergelijke wetswijziging vooral de bekostiging en organisatie van behandeling raakt. De consequenties voor getroffen burgers wat betreft de inhoudelijke zorg zullen gezien de verschillen (hier) in “inkoopdynamiek” tussen de Wet langdurige zorg en de Zorgverzekeringswet fors zijn. Dat geldt zeker ook voor huisartsenzorg. Ongeveer 50 procent van Wlz-cliënten heeft een zorgprofiel met behandeling via de Wlz (Kamerbrief 2024, pg.4 van 9).
Beide subgroepen, met én zonder behandeling, kennen qua randvoorwaarden nu nog een heel andere route binnen het uitvoeringsplan. Een verschil wat goed is uitgelegd in de recente Modelovereenkomsten en eerdere info van de beroepsvereniging. De kwestie kwam ook al vaker in blogs aan de orde (zie einde van deze blog).
Op dit moment (Q1 2026) hebben in Nederland 385.260 burgers een aanspraak op de Wet langdurige zorg (bron: CIZ-databank). Van hen valt het merendeel onder een toenemende groep binnen de sector Verpleging Verzorging (sector Wlz-VV: 201.120 burgers), waarbij meer dan 50% een zorgprofiel heeft van VV05 of hoger. Verder is 87% van hen ouder dan 75 jaar. In 2021 hadden nog maar 177.085 het VV-zorgprofiel (blog, 2021). Een toename van ruim 13% gedurende de laatste 5 jaar.
Beschouwing van de Modelovereenkomsten
Het eerdere Convenant (2024) en de recente overeenkomsten (2026) tellen gezamenlijk 34 pagina’s, die hier niet allemaal besproken worden.
Beschouwing van de overeenkomsten vindt in deze blogs traditioneel plaats op basis van het vaker genoemde generieke uitvoeringsplan, een vaste structuur met 8 kernonderdelen. Dit zijn: visie (1) – missie (2) – inhoud (3) – organisatie/logistiek (4) – noodzakelijk budget (5) – bekostiging (6) – tarifering (7) – zorgcontract (8).
In een plaatje, hier wat betreft de Wet langdurige zorg, ziet dat er zo uit…
Het Convenant zelf is al eerder besproken (blog, 13 september 2024), inclusief daarin de perikelen rondom het budget, het tekort aan personeel, de opkomst van commercie/PE en de beoogde transitie van zelfredzaam naar samenredzaam.
Verder komen nu nog in deze blog de volgende punten aan de orde…
*Een artsenovereenkomst (1)
Is het Convenant ondertekend door 7 partijen, de Modelovereenkomsten door slechts 3 van hen. De overeenkomsten voor MGZ zijn specifiek artsenovereenkomsten, dus lijkt de handtekening van Specialist Ouderengeneeskunde (SO) en Arts Verstandelijk Gehandicapten (AVG) via hun beroepsvereniging (Verenso/NVAG) ook wenselijk. En noodzakelijk! Inmiddels hebben ook ruim 35.000 GGZ-patiënten aanspraak op zorg uit de Wlz (CIZ-databank), daarom lijkt ook de beroepsgroep van psychiaters bij deze MGZ aan zet.
Maar ook medewerking van zorgverzekeraars/zorgkantoren is gezien het afronden van het uitvoeringsplan als stap 7 (tarief) en 8 (contract) een noodzaak. Wáár is hun handtekening (gebleven)?
*Een artsenovereenkomst (2)
Hoe wordt de opstelling van specifiek huisartsen bij het model van de onderaannemingsovereenkomst via de door henzelf opgerichte huisartsenposten? Bij Wlz zónder behandeling gelden de spelregels van de Zorgverzekeringswet, zodat burgers voor spoedsituaties buiten kantoortijd terecht kunnen bij deze huisartsenspoedpost. De huisartsenspoedpost zelf hoeft niet expliciet akkoord te gaan met deze samenwerkingsovereenkomst, maar moet wel op de hoogte worden gebracht van de afspraak.
Maar bij de subgroep mét behandeling ligt de organisatie (en financiering) van deze spoedzorg echter bij de zorginstelling/zorgaanbieder zelf. De huisarts heeft hier geen rol, maar heeft, indien huisartsenzorg overdag binnen kantoortijd is gecontracteerd, net als de cliënten zelf wel een belang dat dit lokaal goed is geregeld (blogs 2019: een/twee). Hoe is het landelijke huisartsenstandpunt 5 jaar later?
In de toelichting op beide modelovereenkomsten melden de drie partijen dat deze ANW-spoedzorg voor deze subgroep met behandeling “georganiseerd kan worden via een huisartsenspoedpost, (commerciële) partijen die dit type specifieke zorg bieden, of interne georganiseerd worden (einde citaat)”. Met andere woorden: hoe heeft de zorginstelling deze ANW-spoedzorg nu daadwerkelijk geregeld? Wat is in deze op het niveau van uitvoering het standpunt van juist de regionale huisartsen, die buiten kantoortijd samen het dienstrooster van hun regionale spoedpost een invulling geven?
Het regelen van goede zorg is voor een zorginstelling gekoppeld aan een te verkrijgen vergunning op grond van de Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza). Daarnaast heeft de zorginstelling een contract met het zorgkantoor op basis waarvan de instelling Wlz-verzekerden kan begeleiden, verzorgen, verplegen én zo nodig behandelen. De kosten van deze zorg declareert de zorginstelling bij het zorgkantoor.
Een onderbelicht item in de overeenkomsten is het opzeggen van de behandelovereenkomst op het moment dat door progressie van de ziekte/handicap de zorgvraag de huisartsgeneeskundige competentie overstijgt (hier/hier/hier). Ook als de KNMG daar een richtlijn voor heeft. In gewoon Nederlands: bezint eer ge begint.
*Een artsenovereenkomst (3)
Naast een overeenkomst op artsenniveau (huisarts, SO, AVG, psychiater) is voor deze complexe Wlz-zorg net zo belangrijk hoe de invulling is van het zorgteam met overige zorgdisciplines en hoe zij 5W1H onderling in en buiten het multidisciplinair overleg met elkaar communiceren (kernonderdeel 4 van het uitvoeringsplan). In het Convenant zelf is daar wel iets over opgeschreven (pg.2, pg.8 met de opmerkelijke zin dat ‘taakherschikking buiten het bereik van het convenant valt’… en pg.9).
Doel: de noodzakelijke zorgdisciplines die gezamenlijk zorgvragen met betrekking tot medische status, functionaliteit, mentale, zintuiglijke en motorische status, en maatschappelijke problematiek, kunnen hanteren (FRADIE), zijn aanwezig. Met andere woorden, wat moet over zorgverlening in teamverband vooraf in de bijlage van de Modelovereenkomst met de zorginstelling worden opgenomen, dan wel vermeld staan in het zorgcontract (stap 8) met de zorgverzekeraar bij de subgroep zonder behandeling (blog)?
Teamsamenstelling als contractitem krijgt een extra lading nu landelijk spelende problemen binnen de Wlz worden getransporteerd naar regiotafels. Mijn standpunt is dat landelijk spelende problemen op landelijk niveau moeten worden opgelost. Maar bijna alle zorgbestuurders zien juist de regio als heilige graal en heilige schaal van de oplossing (zie IZA, 2022 én HLO, 2025 én AZWA, 2025). We gaan het (hier een voorbeeld) zien.
Opvallend is verder dat uitwerking van de MGZ ook in 2019 (hier), in 2021 (hier) en in 2022 (hier) al onderwerp was van discussie, invulling en uitvoering (blog, 2021). Alsmede het inzicht van de noodzaak van een sector overstijgende financiering van samenwerking (zie dezelfde blog, 2021). Inmiddels zijn we 5 jaar verder en zien we (nu pas) de eerste aanzet tot een betere financiering van samenwerking in de eerste lijn (NZa, 3 februari 2026).
*Inkoop en bekostiging (4)
Zoals gemeld in het convenant (Convenant, hoofdstuk 2.5, pg.12) gaan aan alle regiotafels afspraken worden gemaakt over “samenhangende en complementaire inzet van de artsen”.
Voor spaarzame info over financiering, zie Leeswijzer LHV, 10 juni 2025, pg.4.
Wordt in het Convenant veel aandacht besteedt aan inhoudelijke samenwerking en organisatie, over de logische en noodzakelijke vervolgstappen (stap 5 tot en met 8) is weinig te lezen. Dat is een gemiste kans, want juist huisartsen krijgen door vergrijzing en het beleid om mensen langer thuis te laten wonen, vaker te maken met patiënten met een (bijna) Wlz-indicatie. Dit vraagt extra waakzaamheid van cliënten/zorgverleners ten aanzien van inkoop van zorg met passende contractering, zeker bij de explosieve groei van commercie/private equity in de sector van kleinschalige woonzorgvoorzieningen voor ouderen (hier + hier + hier + hier + hier + hier).
In onderstaand plaatje de specifieke tekst van het Convenant over inkoop en bekostiging…
Convenant Samenwerking MGZ, met mensen met indicatie voor langdurige zorg (7 partijen, 2 september 2024, pg.12)
Extra geoormerkt werk (+ hier/hier) vraagt om extra randvoorwaarden, waarbij zowel het werk als deze randvoorwaarden binnen de 8 kernonderdelen worden geïntegreerd en vastgelegd in modelovereenkomsten en zorgcontracten (HLO met 16 clusters: hier).
Zeker nu burgers met wijkverpleging, een kerndiscipline in de eerste lijn, belangrijk bij Wlz-sector VV, bij het nieuwe kabinet worden geconfronteerd met een bij deze zorg verplicht te betalen eigen risico (blog). Daarnaast zijn er ook in 2026 bij wijkverpleging, net als in de huisartsenzorg, nog (of wederom?) tariefproblemen (AD, 11 februari 2026).
Verder gaat er in de langdurige zorg de komende jaren stevig gekort worden, structureel -1,895 miljard (zie budgettaire bijlage coalitieakkoord, items 42, 43, 44, kolom 5, 30 januari 2026). Voor een definitieve uitkomst wat betreft deze budgetkorting wordt de regeringsverklaring afgewacht, uitgesproken kort na de installatie op 23 februari van het nieuwe kabinet.
Dossier bekostiging huisartsenzorg ligt (opnieuw) bij de Zorgautoriteit
De bekostiging van huisartsenzorg (zie ook in plaatje 3) kent op drie essentiële onderdelen, de bouwstenen beloning, praktijkkosten en arbeidsuren, al jaren een ondermaatse invulling (zie uitspraak bestuursrechter, 18 november 2025 + blog/blog). Dat betekent nu een extra reden om op landelijk en regionaal niveau behoedzaamheid te betrachten, totdat de uitspraak van de Zorgautoriteit bekend is. Zeker bij het (ook nog) aanpakken van dit extra MGZ-werk.
Het is daarbij te hopen dat de aan MGZ deelnemende beroepsgroepen snel duidelijkheid kunnen geven wat voor hen wel/niet (hier) mogelijk is bij realisatie van het MGZ-uitvoeringsplan. De IZA/AZWA-bestuurders hebben er bewust voor gekozen, zie ook punt 2 uit bovenstaand plaatje, dit aan regiotafels, met het gevaar van regionale postcodezorg als uitkomst bij een landelijk probleem, te bespreken. De landelijke problemen zijn bekend: tekort aan artsen (hier) en overig personeel (blog), onder druk staande mantelzorg, budgettaire perikelen (blog), tekort seniorenwoningen (hier), gebrekkige gegevensuitwisseling (hier) etc. (zie de 16 clusters).
Elke vervolgstap, inclusief de onderlinge connectie tussen de kernonderdelen binnen de route van het uitvoeringsplan, vraagt vooraf nogal wat rekenwerk, voorlopig met ‘regiokracht’. Overigens een dilemma wat op het bord ligt van alle AZWA-contractpartners (blog + hier/hier/hier).
Zorgafhankelijk: 0-24uur/7dagen
Naast ouderen met een 24uur/7dagen zorgafhankelijkheid (het Wlz-criterium) zijn en komen er gezien de demografie ook meer ouderen met een 0-24uur/7dagen zorgvraag. Met dus minder zorgafhankelijkheid dan de hele klok rond. Zij krijgen hulp thuis (hier/hier/hier/hier + blog/blog) en zo nodig professionele zorg via Zorgverzekeringswet en zo nodig de Wmo.
Elke minister of andere bewindspersoon begint bij aanvang van het aanvaarde ambt te melden dat ouderen vooral langer thuis wíllen blijven. Dat klopt voor zover er allereerst nog voldoende autonomie bij burger en eigen netwerk resteert. Bij zorgafhankelijkheid tussen 0-24 uur per dag hoop je daarnáást, binnen een wat groter netwerk, op beschikbaarheid van zorg (mantelzorg/professionele zorg bv. MGZ/ELZ/MSZ/GZSP/Logeeropvang/ELV/GRZ:blog/blog), als dat nodig is (hier), in eigen buurt of wijk.
Als aan deze 2 voorwaarden wordt voldaan, ja dan biedt ‘langer thuis’ inderdaad een mooi perspectief.
Tot slot
Nu Nederland ook een nieuw kabinet en een nieuwe minister/staatssecretaris van VWS krijgt (blog), is het slotwoord nogmaals aan een eerder geïnterviewde inspirerend arts, Ester Bertholet (blog, 5 december 2025).
Aan haar, met zowel een huisartsenopleiding als een opleiding tot specialist ouderengeneeskunde in de bagage, ook werkzaam in de eerste lijn, werd bij een interview gerefereerd aan een startend ministerschap…
|
Vraag: Stel, jij wordt in een nieuw kabinet als politicus (minister of staatssecretaris) verantwoordelijk voor de ouderenzorg thuis. Welke maatregelen zou je als eerste nemen? Antwoord Ester Bertholet: – “Ik zou meteen investeren in het opnemen van les op basisscholen en middelbare scholen over gezondheid en ziekte. Hoe kun je gezond blijven, wat eet je dan, hoe beweeg je het beste, waarom is het belangrijk dat je naar buiten gaat. Zoveel van de mensen uit mijn directe omgeving maar ook mijn patiënten hebben nauwelijks kennis van hun lichaam of van gezond leven. Daar valt enorm veel winst te behalen. Overigens heb ik zelf ervaren hoe zinvol het is om ook aan volwassenen en ouderen les te geven. Het helpt echt om goed te begrijpen wat artrose is, dat je niet per se een MRI nodig hebt om die diagnose te stellen en wat je er zelf aan kunt doen, ook op je 93e. – Ik zou ook direct investeren in een centrale rol voor het duo wijkverpleegkundige en collega uit het sociaal domein. Samen kunnen zij een prominente rol spelen in het overzien van een wijk of een dorp waarbij ze mensen kunnen stimuleren oog voor elkaar te hebben. Ik krijg zo vaak van patiënten het aanbod dat ze best bereid zijn om een buurvrouw pillen te geven of een keer te helpen een boodschap te doen. Vooral als ik hen dat als hulpverlener vraag, uit zichzelf doen ze het niet zo snel. Vandaar dat ik denk dat je dat moet stimuleren door het genoemde duo hiervoor te faciliteren. – Ik zou ook veel meer investeren in het laten ontstaan van ontmoetingsplekken zoals bijvoorbeeld Ons Raadhuis in Velp. Ik denk dat ontmoeting en verbinding de belangrijkste pijlers van onze gezondheid zijn. Al die mensen die zich eenzaam of waardeloos voelen, kun je hiermee ook een handreiking geven. Maar ook dit moet je faciliteren, juist bovengenoemd duo zou daar een rol in kunnen spelen. – Daarbij zou ik een wijk budget geven om tot bovenstaande ontwikkeling te komen, naast dat een afvaardiging ongelabeld geld zou mogen besteden om ‘gezondheid te bevorderen’. Ik denk dat mensen dit heel goed zelf kunnen (zie ook alle succesvolle initiatieven bij burgerparticipatie). Ik ben ervan overtuigd dat je geen bestuurder hoeft te zijn om tot goede constructieve daden te komen. Sterker nog, ik denk dat geld veel zuiverder en zinvoller ingezet zou worden. En omdat het ongelabeld is, mag de uitwerking in de wijk Charlois in Rotterdam wijk dus anders zijn dan in het dorpje Lochem in de Achterhoek. En ook hier is de bijvangst dat het voor veel mensen enorm veel zingeving zou opleveren om hier mee bezig te zijn! Kortom, de les uit de geschiedenis van mijn praktijk ouderengeneeskunde is dat het systeem en de logheid van grote organisaties niet de beste ontwikkeling zijn; breng het terug naar de energie en welwillendheid van de doelgroep!” |
Haar slotzin is een mooi advies richting de beide nieuwe bewindspersonen. De zorgafhankelijke burger verdient meer dan repeterende beleidsverhalen over systeemdruk en kortingen.
Plaatje 1: (onder blogtitel) is afkomstig van de Modelovereenkomst (5 februari 2026)
Plaatje 2: afkomstig van eigen docentmateriaal van opleiding praktijkmanagement
Plaatje 3: afkomstig van Convenant Samenwerking MGZ (2 september 2024)
Eerdere blogs over ouderenzorg, bv. de laatste 5 jaar…
14.01.2020: Intramuraal beddentekort geeft extramuraal het ongemak (tekort verpleeghuisbed)
20.01.2020: Thuiswonende ouderen op weg naar hun zorg in 2030 (rapport Oud en zelfstandig 2030)
29.05.2020: Randvoorwaarden zorg voor mensen met beperking concreter beschrijven (Wlz)
03.06.2020: Randvoorwaarden bij Wlz-zorg: vraag/antwoord bij het convenant (wlz en huisarts)
16.06.2020: Consequenties toename extramuraal gegeven Wlz-zorg: voor cliënt (1) (wachtenden)
18.06.2020: Consequenties toename extramuraal gegeven Wlz-zorg: voor HA en SO (2) (2 bronnen)
28.08.2020: Verpleeghuiscapaciteit: aanbod blijft achter bij vraag. Wat nu? (extramurale gevolgen)
17.09.2020: Bekostiging passende zorg in beweging: de verpleeghuiszorg (3) (te laag aanbod)
21.09.2020: Bekostiging passende zorg in beweging: de wijkverpleging (4) (cliëntprofiel versus uurtarief)
09.11.2020: Convenant medische zorg gehandicapten: nu de randvoorwaarden (kennis + contract)
16.11.2021: Medisch generalistische basiszorg is bij Wlz niet automatisch huisartsenzorg
19.01.2022: Wat gaat radicale verandering van ouderenzorg eigenlijk inhouden? (start Rutte IV)
13.03.2022: Reflectie op speerpunten zorgkoers kabinet Rutte IV (1) (ouderenzorg = speerpunt 3)
15.03.2022: Reflectie op speerpunten zorgkoers kabinet Rutte IV (2) (personeelstekort = speerpunt 8)
17.05.2022: Opnieuw staat aanpak personele tekorten in zorg in de picture (TAZ:110.000/Gupta)
13.09.2022: Huisartsen en wijkverpleging wijzen huidig zorgakkoord af (ANW/MTVP-garanties)
06.10.2022: Wie is verantwoordelijk bij taakafbakening Wlz-zorg? (Brief NZa/JGJ ivm zorgstagnatie)
07.12.2022: Zorg kwetsbare ouderen in de knel: qua beleid, qua uitvoering (1) (Rutte IV + IZA/huisvesting)
21.12.2022: Zorg kwetsbare ouderen in de knel: qua beleid, qua uitvoering (2) (Wlz/kleinschalig)
17.03.2023: Over personele tekorten en het daardoor niet krijgen van zorg (2 mln.burgers!)
23.03.2023: Ouderenzorg: hindernissen overgang kwaliteitskader naar kwaliteitskompas (Wlz)
18.04.2023: Zware verantwoordelijkheid voor regionale organisatie bij ouderenzorg (KWO-Wlz)
26.06.2023: Wlz-ouderenzorg bekeken door ministeriële bril (antw. minister blog op verzoek Kamercie.)
29.09.2023: Zorg voor kwetsbare ouderen: wie wat waar wanneer waarom en hoe (€+pers.+woon)
16.04.2024: Naast zorgverleners ook wetgever, toezichthouder, inkoper aan zet bij invulling medische Wlz-zorg
22.04.2024: Praktijkperikel: “De huisarts en Wlz in de praktijk van alledag” (huisarts + beschouwing)
24.05.2024: Beleidsmotto “Thuis als het kan”. Hoe wordt dat bepaald? (budget/pers./extramuraal/MGZ)
————————–Convenant van 7 partijen op 2 september 2024—————————————————-
13.09.2024: Transitie Wet langdurige zorg: doel en aanpak nog onduidelijk (MGZ/PE/budget/CPB)
20.12.2024: Oplopend tekort zorgpersoneel. Juist nú bezuiniging op opleidingen?… (begroting)
18.02.2025: Maak voor palliatieve zorg (thuis) één landelijk dekkende regeling (dwalen i/e regelwoud)
24.03.2025: Korting budget wijkverpleging met geen reden goed te praten (165 mln.begrotingsgat)
03.06.2025: Budgetonderschrijding IZA-sectoren vooral zichtbaar bij wijkverpleging (€€Rijk/AR)
11.06.2025: Hoofdlijnenakkoord ouderenzorg biedt oudere Wlz-verzekerde (veel) onzekerheid
11.06.2025: Hoofdlijnenakkoord ouderenzorg biedt oudere Wlz-verzekerde (veel) onzekerheid
22.07.2025: Ook in AZWA worden scherpe beleidskeuzes vooruitgeschoven (BO/21 partij/30 pnt.)
28.07.2025: Ondertekenen AZWA in instabiele tijd is een dilemma (1) (financieel/veel contextitems)
16.08.2025: Regel financiering organisatie/infrastructuur eerste lijn via werkvloer (RESV/wijkzorg)
03.09.2025: Snelle aanstelling staatscommissie moet zorg redden (AZWA/HLO-besluit+8 processtappen)
09.09.2025: Ondertekenen AZWA in instabiele tijd is een dilemma (2) (financieel/veel contextitems)
16.09.2025: Stabilisatie intramurale verpleeghuiszorg kan alleen met extra vereisten extramuraal
24.09.2025: Praktijkondersteuner ouderenzorg is geen robot (Module oudere, dan geen ketenzorg)
29.09.2025: De dag dat de hoogste bestuursrechter zich buigt over tarieven huisartsenzorg (CBb)
14.10.2025: Tweede Kamerverkiezingen: eerstelijnszorg c.q. huisartsenzorg (3)
29.10.2025: Mantelzorg en professionele zorg zien de grens van hun zorg (arbeidsmarkttekorten)
17.11.2025: Verzekeraars willen geen wijkklinieken, maar regionale ouderenklinieken (A’dam ZO)
18.11.2025: CBb uitspraak tarieven huisartsenzorg nog steeds niet in orde (dus herberekenen)
12.01.2026: Kantelpunt van het praktijkhouderschap (Tekort/UMCG/LHV-onderzoek/8 stappen/CBb)