Selecteer een pagina

 

In 2003 meldde een hoogleraar huisartsgeneeskunde dat 90% van de gezondheidsklachten zonder inmenging van een arts door zelf- en mantelzorg worden afgehandeld. En dat dit percentage de voorbije jaren constant was gebleven en tevens vergelijkbaar was in alle landen. Met als conclusie van de hoogleraar dat dit een voor tijd en stelsel van gezondheidszorg/verzekering ongevoelig, stabiel fenomeen is. Bij de uitvoering van stelselwetten in de zorg is (het stimuleren van) zelfzorg ook een belangrijk item. Kennen we bij de Zorgverzekeringswet (2006) nog het begrip “recht op zorg”, daar waar de decentrale overheid zorginkoper is (2015) wordt al gesproken over “aanspraak op zorg”. Wij leven in een participatiesamenleving, waarbij de overheid van burgers verwacht dat burgers steeds zoveel mogelijk zelfredzaam zijn op het gebied van gezondheid, persoonlijke financiën en de arbeidsmarkt.  Zelfredzaamheid is dan het vermogen van mensen om zichzelf te redden op alle levensterreinen met zo min mogelijk professionele ondersteuning en zorg. Door behoud en/of versterking van zelfredzaamheid kan, zo is het doel, zorg of intensivering van zorg worden voorkomen of uitgesteld.  En bij zelfredzaamheid wordt een cruciale rol met mantelzorg toegedicht aan iemands sociale netwerk.

Versterking nulde lijn

Zou het percentage anno 2018 nog steeds 90% zijn? Versterking nulde lijn staat bekend onder termen als het vergroten van ’eigen kracht’, empowerment, zelfregie, zelfredzaamheid, zelfmanagement etc. Vergroten van zelfzorg is overigens ook een item bij mensen die al professionele hulp hebben. Zorgen voor jezelf is altijd nuttig, maar waar liggen de grenzen van de rechten en de plichten?

Thuisarts.nl (website NHG)

Thuisarts.nl blijkt de populairste website van het jaar 2016 te zijn in de categorie gezondheid. Er zijn 1,8 miljoen unieke bezoekers en ruim 4 miljoen pageviews per maand. Het zorggebruik bij de huisarts is na de lancering van Thuisarts.nl afgenomen met maar liefst 12%, voornamelijk door minder telefonische en korte consulten. Maar ook is er een waarschuwing van deze website (NRC).  Mensen die niet goed zoeken, vinden juist ernstige ziekten en maken zich daardoor onterecht veel zorgen. Ook wijst thuisarts.nl op grote commerciële gezondheidswebsites met (wel) 300.000 nooit gecontroleerde gezondheidsapps. Wanneer wordt het staatstoezicht op app’s geagendeerd, toch een actueel thema in juist de e-health week 2018? Bij zelfmanagement bij chronische ziekten wordt gesteld dat het enthousiasme voor zelfmanagement geen gelijke tred houdt met het wetenschappelijk bewijs voor de effectiviteit ervan (H&W). Zelfmanagement is niet een generiek one-size-fits-all methode, maar vraagt juist om maatwerk.

Wijkverpleging

Buurtzorg directeur Jos de Blok benadrukte deze week kritisch te zijn over het concept-kwaliteitskader wijkverpleging. Hij vindt het te veel gebaseerd op ‘oud-denken’. Met oud denken bedoelt hij het inkopen en leveren van verpleging en verzorging als product aan huis. Hij vindt het te weinig uitgaan van preventie en het ondersteunen van netwerken van patiënten. ‘Met het beoogde kwaliteitskader dreigt de wijkverpleging de boot voor jaren te missen.’ De kunst is, aldus de Blok, om het netwerk rond patiënten te mobiliseren. De inzet moet zijn gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid. ‘Niet om de belasting bij mantelzorgers zwaar te maken’, stelt De Blok, ‘maar om er als professionele zorgverlener te zijn als dat nodig is’.

Zelfzorg OK, maar dan (wel) lage drempel bij het vervolg

Hoogleraar Margo Trappenburg noemt beroepsgroep huisarts als voorbeeld dat een beroep op zelfzorg heel legitiem is, als de drempel richting het vervolg dan maar niet te hoog is. Nederlandse huisartsen zijn goed op de hoogte van ‘het natuurlijk beloop’ van ziekten en aandoeningen. Veel gaat vanzelf over. Pas als het herstel langer duurt is er reden tot zorg. Dat leggen Nederlandse huisartsen veelvuldig aan hun patiënten uit, aldus Trappenburg. Zelfs zo vaak dat veel patiënten dit advies al ter harte nemen vóór ze naar de huisarts gaan. Eenmaal in de spreekkamer van de huisarts kunnen ze dan zeggen dat ze het al een paar dagen of een week hébben aangezien en dat het nu tijd is voor medische hulp. Patiënten weten dat ze die hulp vervolgens ook krijgen, hetzij van de huisarts zelf hetzij, na verwijzing, via het ziekenhuis. Het natuurlijk beloop advies is een drempel op de weg naar medische hulp, maar gelukkig geen heel hoge drempel. Ofwel, zowel de huisarts als de wijkverpleegkundige wijzen op zelfzorg, maar hebben de intentie er laagdrempelig te zijn, indien nodig. Maar Trappenburg vraagt zich af hoe het anno 2018 zit met de drempels in het sociaal domein? Kunnen mensen met sociale problemen terecht bij sociaal werkers in wijkteams? Moeten ze eerst een drempel over en krijgen ze uiteindelijk hulp en weten ze dat? En dat alles valt om uiteenlopende redenen niet altijd mee, zo is te lezen (rapport/blog/blog/blog/artikel).

Solidariteit

Het draagvlak voor mantelzorg zou anno 2018 afnemen. Iets meer dan twee op de tien Nederlanders – 23% – zeggen in een onderzoek dat het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP, 19.12.2017) presenteert, dat hulpbehoevende mensen ‘zo veel mogelijk’ moeten worden geholpen door familie, vrienden en buren. Dat is een forse daling ten opzichte van 2010. Toen vonden nog ruim vier op de tien ondervraagden – 41% – dat naastenzorg geen grens moet kennen. Er is overigens nog veel solidariteit, ook in de zorg. Er zijn ruim 4 miljoen mantelzorgers, waarvan 610.000 mantelzorgers zowel langdurig (langer dan 3 maanden) als intensief hulp (meer dan 8 uur per week) geven. Naast een leger aan vrijwilligers, in alle sectoren. Maar wat zeker niet gaat helpen om mantelzorg binnen een netwerk te enthousiasmeren zijn beschamende praktijkverhalen in de publiciteit over een veel te hoge drempel, c.q. blokkade om daadwerkelijke hulp te gaan geven als dat nodig is.

WRR: Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid

In april 2017 publiceerde de WRR het rapport “Weten is nog geen doen”. Het rapport meldt dat het perspectief op zelfredzaamheid moet worden bijgesteld. Naast een denkvermogen is ‘doenvermogen’ minstens zo belangrijk om aan de hoge eisen van de participatiesamenleving te kunnen voldoen. Met meer feitenkennis (website/app) kan wel het probleemoplossend vermogen worden vergroot, maar dit is geen garantie voor meer probleemoplossend gedrag. En zo ontstaat de kloof tussen wat van burgers wordt verwacht en wat zij daadwerkelijk aankunnen. Een doel stellen, een plan maken, in actie komen, volhouden en om kunnen gaan met verleidingen en tegenslag, dat alles is niet eenieder gegeven.  Met als WRR-advies: zoek zo snel mogelijk persoonlijk contact met de burger, maak onderscheid tussen burgers die niet willen en die niet kunnen en stuur bij op een moment dat mensen nog genoeg ruimte hebben om helder na te denken en in actie te komen.

Conclusie

Niet iedereen is in staat tot zelfregie. En ook in 2018 kunnen de mate van zelfzorg en professionele persoonsgerichte zorg pas een invulling krijgen als de zorgverlener oog heeft voor de wensen en mogelijkheden van de patiënten. En professionele hulp zo nodig laagdrempelig en bijtijds beschikbaar is.